Home
A tot Z |

Regionale dienst gezinszorg en aanvullende thuiszorg

Omwille van de nieuwe Vlaamse regelgeving (het woonzorgdecreet en zijn uitvoeringsbesluiten) moeten OCMW's de nodige oplossingen zoeken met betrekking tot hun dienst gezinszorg en aanvullende thuiszorg. Wanneer zij hun erkenning willen behouden, werd voorlopig vooropgesteld dat zij tegen 01/01/2016 10 VTE in dienst moeten hebben. Dit zou volgens de Vlaamse overheid overeenkomen met 15 390 presterende uren. Omdat dit voor verschillende OCMW's problematisch leek, nam KINA p.v. het initiatief om met zijn leden OCMW's te gaan praten en naar mogelijke oplossingen te zoeken.

De oplossing die uit de bus kwam, is het oprichten van een regionale dienst gezinszorg en aanvullende thuiszorg. Hieromtrent werd een ‘concreet' voorstel uitgewerkt, dat reeds werd voorgesteld op een bijeenkomst op 2 december 2011. Er kwamen drie mogelijke situaties naar voren:

1. OCMW's met een te kleine DGAT

Dit zijn OCMW's die tegen 2016 nooit aan 10 VTE geraken. Vervolgens zou KINA p.v. een eigen erkenningsnummer aanvragen, waardoor de te kleine DGAT's kunnen toetreden tot een regionale DGAT. Hierbij geven zij hun eigen erkenningsnummer in bewaring en functioneren ze vanaf dan onder het erkenningsnummer van KINA p.v. Dit wel met behoud van hun lokale werking. Hun reeds aanwezige personeel blijft in dienst van het lokale bestuur. Enkel nieuwe medewerkers worden aangeworven door KINA p.v. De verkregen subsidies worden verdeeld a rato van de gepresteerde uren.

2. OCMW's die groot genoeg zijn, maar een probleem hebben met hun flexibele uren

Hiervoor zou KINA p.v. een flexdienst willen oprichten. Ieder OCMW dat vervolgens beroep wil doen op deze flexdienst, moet zich lid maken van deze dienst. Om een goed verloop te bewerkstelligen, zou voor een regionale verdeling geopteerd worden.

3. OCMW's zonder eigen DGAT

Zij kunnen tevens beroep doen op gezinszorg en de flexdienst van de regionale DGAT. KINA p.v. zal voor hen het maatschappelijk werk en de administratieve taken op zich nemen.

Na de uiteenzetting van deze drie mogelijke luiken hadden de aanwezigen de kans om vragen te stellen en opmerkingen te geven. Tevens was Liesbet Noé van de VVSG aanwezig om met de nodige expertise op verschillende vragen een antwoord te kunnen bieden.

Als volgende stap zal er opnieuw een gesprek plaatsvinden met de geïnteresseerde OCMW's. Op basis van deze gesprekken zal het concept verder vervolledigd worden en kan de regionale DGAT stilaan zijn intrede doen.

Inse Hendrickx
Stafmedewerker Lokaal Sociaal beleid
 



© 2012 Kina, Alle Rechten Voorbehouden | e-COMPASS Web Productions | Sitemap